Home

Welkom op de site van Advocatenkantoor Van den Biggelaar.Marjon-van-den-biggelaar

Mijn naam is Marjon van den Biggelaar. Na mijn afstuderen in 1989 aan de Universiteit van Tilburg heb ik mij gespecialiseerd in het arbeidsrecht, het familierecht en het erfrecht. Sinds 2001 heb ik mijn eigen kantoor in Waalre.

Ik hecht aan betrokkenheid, aan persoonlijke aandacht en een professionele werkwijze in een informele sfeer tegen redelijke tarieven. De communicatielijnen zijn kort; ben ik niet bereikbaar, dan kunt u er van op aan dat ik op zeer korte termijn contact met u opneem.

Samen met u zoek ik op creatieve wijze naar juridische oplossingen om gerechtelijke procedures te voorkomen. Als het voeren van een procedure echter noodzakelijk is, ga ik voor u doelgericht en slagvaardig te werk.

Ook voor mediation bent u bij mij aan het juiste adres. In een mediationtraject begeleid ik de betrokken partijen om gezamenlijk tot een voor ieder van hen aanvaardbare oplossing van het geschil te komen.

Wilt u zoveel mogelijk  in goed overleg uit elkaar, maar lijkt het te zwaar om zonder steun aan tafel te zitten? Dan is de Overlegscheiding ofwel Collaborative Divorce  een goede optie voor u. In een Overlegscheiding ben ik uw advocaat  en behartig ik uw belangen, maar we maken dan samen onderdeel uit van een deskundig team, dat in gezamenlijk overleg wordt samengesteld. Naast twee advocaten worden ook een coach en/of een financieel deskundige in het team betrokken. Kernwoorden van deze methode zijn respect, openheid, balans, teamwork en een duurzame, positieve uitkomst.

Om de kwaliteit van dienstverlening te verzekeren ben ik aangesloten bij de Vereniging van Familierechtadvocaten en Scheidingsmedatiors (VFAS) en de Vereniging van Collaborative Professionals (VvCP). Ik neem regelmatig deel aan opleidingen en cursussen en volg uiteraard de de ontwikkelingen op het gebied van wet- en regelgeving en jurisprudentie alsook de actualiteiten op de voet.

Neemt u gerust contact met mij op voor meer informatie of  voor een vrijblijvend gesprek.

De meeste echtparen zijn getrouwd in gemeenschap van goederen. Voorafgaand aan een eventuele scheiding komt het nog wel eens voor dat de andere partner financieel benadeeld wordt: Ineens zijn er onnodig schulden aangegaan of ongebruikelijke bedragen opgenomen, terwijl niet bekend is waar het geld is gebleven. Gebeurt dit binnen een periode van zes maanden voor de echtscheiding – ofwel: in het zicht van de scheiding – dan is het mogelijk dat dit later wordt “teruggedraaid”. De partner die schulden heeft gemaakt of geld van de gemeenschap heeft verspild, kan namelijk door de rechter worden veroordeeld tot het vergoeden van de aangerichte schade aan de gemeenschap. Een vordering daartoe moet binnen drie jaar na de totstandkoming van de echtscheiding worden ingesteld.

Op 1 januari 2015 is de Wet hervorming kindregelingen (WHK) in werking getreden. Door de invoering van deze wet is het aantal kinderregelingen teruggebracht. In 2014 waren er nog 11 kinderregelingen en in 2015 zijn dat er nog maar 4. Doel van deze wet is om het aantal wettelijke regelingen te verminderen en om  ouders te stimuleren om betaald werk te verrichten.

De WHK heeft gevolgen voor ouders die kinderalimentatie ontvangen of betalen.
Een rechter houdt bij het bepalen van het alimentatiebedrag rekening met de financiële behoefte van het kind en met de draagkracht van beide onderhoudsplichtige ouders. Ook houdt hij rekening met individuele omstandigheden en verplichtingen.

Ouders die kinderalimentatie betalen

In 2014 genoten ouders die meer dan € 139,– per kind per maand betaalden aan kosten van hun kinderen, die niet op hun adres stonden ingeschreven, een forfaitair fiscaal voordeel. Dit was een bedrag tussen de € 40,– en € 50,– per kind per maand. Door de invoering van de WHK is dit fiscaal voordeel afgeschaft. Ouders die na 1 januari 2015 kinderalimentatie betalen, kunnen deze kosten vanaf 2015 dus niet meer (forfaitair) aftrekken van de inkomstenbelasting. Indien bij een eerdere vaststelling van de bijdrage rekening is gehouden met dit voordeel is het dan ook verstandig om na te gaan of u deze bijdrage na 1 januari 2015 nog kunt betalen. Er is dan onvoldoende “draagkracht” om de eerder vastgestelde bijdrage te blijven voldoen.

Ouders die kinderalimentatie ontvangen

De invoering van de WHK kan gevolgen hebben voor de financiële behoefte van de kinderen. Met ingang van 1 januari 2015 is de aanvullende alleenstaande ouderkorting afgeschaft. Om dit verlies (deels) te compenseren kunnen bepaalde groepen alleenstaande ouders sinds de invoering van de WHK aanspraak maken op een verhoging van het kindgebonden budget met de zogenaamde ‘alleenstaande ouderkop’. Deze verhoging bedraagt maximaal 3.050 euro per jaar.

De Expertgroep Alimentatienormen – bestaande uit familierechters die zich bezighouden met alimentatiezaken – heeft de aanbeveling gedaan om een eventuele alleenstaande ouderkop in mindering te brengen op de behoefte van het kind. Daardoor kan de situatie ontstaan dat met de ontvangst van de alleenstaande ouderkop al volledig in de behoefte van de kinderen is voorzien en er geen aandeel in de kosten overblijft waarin de ouders zelf moeten voorzien. In dat geval is er geen reden meer om kinderalimentatie op te leggen, terwijl dat in 2014 wellicht nog wél het geval was en er ook voldoende draagkracht is om een bijdrage te voldoen.

Voor sommige alleenstaande ouders kan dit tot gevolg hebben dat door de invoering van de WHK de te ontvangen kinderalimentatie daalt, terwijl hun totale netto inkomen per maand niet stijgt. Deze ouders ontvangen weliswaar een hoger kindgebonden budget, maar dit is in die gevallen een vervanging voor het vervallen van de alleenstaande ouderkorting.

Wat kunt u doen?

De Expertgroep Alimentatienormen heeft aangegeven dat het wijzigen van fiscale wetgeving een wijziging van regelgeving is die van invloed kan zijn op de wettelijke maatstaven en dus aanleiding kan geven tot een herbeoordeling van eerder overeengekomen of vastgestelde bijdragen. Dit heeft dus tot gevolg dat niet alleen bij nieuwe gevallen rekening zal worden gehouden met deze gewijzigde regelgeving, maar dat in situaties waarin al eerder kinderalimentatie werd vastgesteld, onderzocht kan worden of de bijdrage nog steeds in overeenstemming is met de behoefte c.q. de draagkracht. Daarvoor zal een alimentatieberekening gemaakt moeten worden.

Zo lang u niets doet, zal de overeengekomen c.q. door de rechter vastgestelde alimentatie steeds betaald moeten worden. Een wijziging komt pas tot stand wanneer de ouders daar samen afspraken over gemaakt hebben of  de rechter op verzoek van (één van) de ouders een beslissing neemt.